Felix Mendelssohn: Cellomuziek

Na de twee prachtige cd’s van Ronald Brautigam met Mendelssohns Lieder ohne Worte is het geen toeval dat hij de cellomuziek van dezelfde componist net zo goed speelt. De cellist Poltera heeft net als Brautigam een fijne neus voor de balans tussen beschaving op het randje van saaiheid en intense impliciete dramatiek. De twee sonates klinken als grootse stukken en de overige werken, vaak korter en minder pretentieus, krijgen de ernst en schoonheid die ze verdienen.

Aangemaan Klassiek 2017

Elke musicus die op zijn of haar instrument de top wil bereiken, moet de strijd aangaan met stukken die technisch ultieme eisen stellen, maar die moeten klinken als louter muzikale meesterwerken. Voor de cellist zijn dat onder meer de werken op deze cd. Eijlander nam eerder een ander cellobijbel op (Bachs cellosuites) en behandelt deze caprices als een etude-achtige uitgave van die suites. Daar hebben deze caprices veel baat bij. De etudes klinken onder zijn handen net zo overtuigend als Bachs bijbels.
De titel Handel goes wild is geen overdrijving. Het ensemble l’Arpeggiata doet zijn reputatie aan en vermengt op drastische wijze bestaande oude muziek met elementen uit de meest gevarieerde stijlen en eeuwen met als resultaat een speelse hutspot waarin bekende muziek grondig is getransformeerd. Na eerder Purcell en middeleeuwse muziek onder  anden te hebben genomen, gaat nu Georg Friedrich onder het mes. Handel is soms dichtbij, soms hooguit een inspiratiebron. Als u de cd koopt, doe het om de arrangementen, niet om de originelen. Van de laatsten zijn er al vele fantastische uitvoeringen, de eersten zijn volstrekt uniek.
Op deze cd speelt Pauline Oostenrijk, hoboïste in het Residentie Orkest, werken van overwegend Latijns-Amerikaanse componisten die in hun kunstmuziek vrij dicht bij hun volksmuziek staan. Het volkse zit de hoekige ritmen en de melodieën die weliswaar persoonlijk zijn, maar ook bol staan van de muzikale molens en klompen. Het kunstige zit in de lieflijkheid, gemoedelijkheid en intimiteit, alsof Mendelssohn en Brahms zojuist Rio de Janeiro en Buenos Aires hebben bezocht en de flower power beweging zich afspeelt in de tropen. Die mix van stijlen spreekt ook uit de gitaarpartijen, fraai uitgevoerd door Enno Voorhorst. Enerzijds is het prachtige sfeermuziek, anderzijds verdient de cd het om op de voorgrond te staan.
Op deze cd staan de meest ‘impressionistische’ pianowerken van Debussy: de klank lijkt de vorm te overschaduwen, melodie is niet altijd duidelijk, het karakter is vol suggestie en het ritme verloopt grillig. Om in deze mooie mistbanken niet te verdwalen kiest de Engelse pianist Stephen Osborne voor een grote precisie in het ritme, vlotte tempi en het benadrukken van de lange lijnen. De stukken worden daardoor overzichtelijker terwijl de magie onverkort van kracht blijft. Hoogtepunten van de cd zijn de Estampes en de Images. Ook als u deze werken al heeft, is de cd een schitterende aanwinst, ook dankzij de geweldige toelichting bij de stukken.
Deze muziek uit 1911 speelt aan een achttiende eeuws hof (met alle leuke hofintriges van dien) en wemelt van de fin de siecle dansen terwijl ook Mozart en Wagner over Strauss’ schouder meecomponeren. Het verhaal is een lofzang op de lusten en de lasten van de levensstadia en de muziek is het lijflied van al die zangeressen (en iets minder zangers) die een ongekende schoonheid en verleidingskunst paren aan raffinement, coquetterie en vooral niet te vergeten standsbesef. Dit alles begrijpen deze musici tot in hun tenen. De opera is voorbij voordat men er erg in heeft en dat is bij een werk van ruim drie uur een ongekende prestatie.
Wat voor Sibelius’ liederen geldt, geldt ook voor zijn pianowerken: de componist is geen pleaser. Hij komt niet naar ons toe met mooie melodieën en sympathieke emoties, wij moeten naar hem toe, naar de kracht die uitgaat van een verlaten steppe waarop alleen de taaiste diersoorten zich redden. De pianowerken zijn in dit opzicht minder extreem dan de liederen en de orkestwerken van de vorige cd, maar de pianist doet alle moeite en met veel succes om ons zo resoluut mogelijk de wildernis in te slingeren. Sommige miniaturen lijken door het minder extreme meer gemoedelijk, maar altijd, goe dan ook, is er de verlatenheid van een nulpunt. In deze uitvoeringen wordt dat een fascinerende ervaring.
Jean Sibelius is vooral bekend om zijn symfonieën, Vioolconcert en korte orkestwerken. Op deze cd staan twee grote orkestwerken plus een handvol liederen. De orkestwerken En saga en Tapiola zijn symfonieën in het klein: weerbarstig, wijds, schitterend van klank, zeer emotioneel maar zonder opgelegd gevoel. De liederen voor sopraan en orkest lijken daarmee vergeleken wat ‘Duitser en romantischer’, maar ze bevatten dezelfde afkeer van Duitse innigheid in combinatie met een onverbiddelijke kracht, mede door de onvoorspelbare opbouw. Als u aarzelt bij deze beschrijving, dan brengt sopraan Anne-Sophie von Otter u op andere gedachten.
Dvorak was geen hemelbestormer, wel iemand die uitstekende muziek schreef in een vaak gemoedelijk en enigszins nationaal idioom waarmee hij én luisteraars én musici een groot plezier deed. Zijn kamermuziek lijkt een vriendelijke uitgave van Beethoven en Brahms, terwijl men onderhuids wel een sterk temperament voelt. Het Hongaarse Takacs kwartet weet de verhouding tussen storm en beschaving uitstekend te treffen en houdt daarmee een schitterend pleidooi voor twee van Dvoraks helaas wat minder bekende werken.

Mozart: Vioolconcert KV 219 e.a.

Noa Wildschut, een van Nederlands jongste en beste violistes, speelt op haar debuut-cd werken van Mozart. Ze houdt van een mooie toon en benadrukt graag de lieflijkheid van de muziek zonder dat haar spel wollig of slap wordt. De musici met wie ze samenspeelt (Het Nederlands Kamerorkest o.l.v. Gordan Nikolic in het concert KV 219 en pianist Yoran Ish-Hurwitz in de sonate KV 454) laten zich graag door haar meeslepen).

Mozart: Vioolconcert KV 219 e.a. 
Noa Wildschut
Warner 

Bach: leipzig cantatas: Collegium Vocale Gent met orkest en solisten

Philippe Herreweghe neemt met grote tussenpozen cantates van Bach op. We moesten dus geduld hebben, maar dat werd beloond. Hij behandelt de minder bekende op deze cd (BWV 101, 103 en 115) als meesterwerken en zijn vertrouwde mix van devotie, ingetogenheid, helderheid en een voorzichtige hang naar romantiek staat garant voor schitterende resultaten.

Bach Leipzig cantatas 
Collegium Vocale Gent 
LPH 

Schubert: Laatste twee sonates door Krystian Zimerman

Pianist Krystian Zimerman komt na jaren weer met een solo-cd, ditmaal met de laatste twee sonates van Schubert. In de laatste in Bes lijkt hij uit op bijzondere effecten die de moderne piano mogelijk maakt. In de voorlaatste in A lijken de verrassingen eerder ingegeven door de muziek. Deze sonate is voorbij voordat men er erg in heeft en dat is altijd een goed teken: de zekerheid wordt nooit robuust en de schoonheid en de architectuur gaan hand in hand.

Schubert Laatste twee sonates 
Krystian Zimerman 
DGG

Prokofjev: Vioolconcert nr. 2 door o.a. Rosanne Philippens

Sergei Prokofjev had vele gezichten. Hij deed soms graag modern, maar was in de kern soms zeer klassiek-romantisch. De laatste jaren ontdekken musici meer en meer een derde aspect: lyriek. Violiste Rosanne Philippens, die graag die kant belicht, koos daarvoor de meest geschikte werken: zijn Tweede vioolconcert, de Sonate voor vioolsolo en Vijf melodieën voor viool en piano. Haar medemusici volgen graag haar koers

Prokofjev Vioolconcert nr. 2 e.a. 
Rosanne Philippens e.a. 
CCS

Mozart: Drie pianoconcerten door Thomas Beijer en leden van KCO

Thomas Beijer profileert zich als pianist en romancier. Dit is zijn vijfde cd en zijn eerste roman Geen jalapenos verscheen onlangs. Op deze cd speelt hij drie pianoconcerten van Mozart met de juiste mix van ingehouden dramatiek, subtiele kracht en kleine details met een grote werking. Het tekstboekje is een lekkermakertje voor de uitstekende roman. Het romanfragment over Mozart smaakt naar meer en zijn laatste cd met drie pianoconcerten van Mozart (KV 415, 449 en 488) bewijst dat hij Mozart zowel prachtig kan beschrijven als uitvoeren.

John van Markwijk: Rogier van Otterloo

Rogier van Otterloo is vooral bekend geworden als componist van filmmuziek die ook volkomen overtuigt als zelfstandige muziek. In zijn korte leven schreef hij zeer veel prachtige muziek en werkte hij samen met talloze musici. Deze rijk geïllustreerde biografie geeft een roerend portret, een mooi beeld van de totstandkoming van zijn muziek, zijn contacten met collega’s en een goed overzicht van een boeiend oeuvre.

Stichting Metropole Orkest

Nigel Cliff, Moskouse Nachten

In 1958, op het hoogtepunt van de koude oorlog, won de Amerikaanse pianist Van Cliburn in Moskou het Tsjaikovski-concours met vertolkingen van repertoire dat de Russen als hun natuurlijk domein beschouwden. Dit boek, een combinatie van muziek en geschiedenis, schildert de historische aanloop, de situatie waarin het concours plaats vond en de gevolgen van die overwinning voor alle betrokkenen. Het geeft een boeiende blik in vele keukens (met heel veel nieuwe informatie) en zet aan het denken over de relatie tussen kunst en politiek.

Uitgeverij Het Spectrum: €25,00

Carrousel: Holland Baroque meets Eric Vloeimans

Jazztrompettist Eric Vloeimans en het barokgezelschap Holland Baroque wandelen graag buiten de geijkte paden. Op deze cd spelen zij stukken van allerlei klassieke componisten in zeer uiteenlopende arrangementen. De jazzmusicus Vloeimans laat zich inspireren door klassieke melodiestijlen en Holland Baroque klinkt soms absoluut niet als een barokgezelschap. Het resultaat van de ontmoeting is een nieuwe vriendelijke taal vol verrassingen en prettige steentjes in ieders vijver.